Nieuwe pagina 1
Nieuwe pagina 1
Nieuwe pagina 1 advertentie Vliegend Museum Seppe Brussels Air Museum justairborne.com aerospacefacts.com tigerformation Stampe

LuchtvaartKennis: IJs en weder dienende
2001-04-01 / Harm J. Hazewinkel (samensteller)

De wintervluchten naar Urk, 1926-1940
Dat de luchtvaart een belangrijke rol heeft gespeeld en nog speelt in de verbinding met onze eilanden, wanneer de weersomstandigheden verbinding over water niet toelaten, mag bekend worden verondersteld. Naar de Waddeneilanden en ook naar Marken zijn in dergelijke situaties in het verleden en ook thans wel vluchten uitgevoerd, tegenwoordig vaak per helikopter. Anders ligt dat voor Urk, inmiddels onderdeel van de Noordoostpolder, maar voor die tijd ook geheel door water omgeven. Tot deze polder werd aangelegd waren Urk (en Schokland) nog van de vaste wal gescheiden. De verbinding ging per boot - maar wat te doen indien de winter zo streng was dat de ijsgang dit onmogelijk maakte? In de periode tussen de oorlogen heeft het vliegtuig hier uitkomst geboden en over die post- en andere vluchten is het nodige te vinden in het door de heren Albert van Urk en Tromp de Vries uitgegeven boekje 'Parate Post; Kampen- Urk- Enkhuizen' (deel X in de serie Urker Uitgaven, 1986). Het hier volgende verhaal is, met toestemming van de redacteurs, grotendeels hierop gebaseerd. Daarnaast is onder meer nuttig gebruik gemaakt van de overzichten in de Luchtvaart en Luchtpost encyclopedie van J.L.C.M. Schroots en H.H.C. Schroots-Boer (Uitg. De Vliegende Hollander, 1990)

De verbinding van Urk (Schokland was reeds lang tevoren verlaten) met de vaste wal werd sinds 1915 onderhouden door de N.V. Eerste Urker Stoomboot Maatschappij (E.U.S.M.), die in 1920 ook de bezittingen van de concurrerende Kamper Stoomboot Maatschappij had overgenomen. Deze maatschappij vervoerde personen, vracht en - in een tijd dat meer moderne communicatiemiddelen nog niet ten dienste stonden - de voor velen belangrijke post. Zo lang mogelijk werd gevaren, ook in slechte weersomstandigheden en als dat niet meer ging werd gebruik gemaakt van de ijsvlet en de slede. Als het ijs sterk genoeg was konden soms ook auto's worden ingezet.

De winter van 1929
De barre winter van 1929 was de eerste waarin op grote schaal van het vliegtuig gebruik werd gemaakt om de verbinding van Urk met de vaste wal te verzorgen. Het was echter niet de eerste keer dat door de lucht post werd vervoerd naar Urk. Al in 1926 waren door de KLM voor rekening van de E.U.S.M. drie vluchten gemaakt, waarvoor 450 gulden werd betaald. Op 4 januari 1928 vond een vierde postvlucht plaats, waarbij 16 zakken post werden vervoerd en waarvoor 150 gulden werd betaald.

De winter van 1929 was dermate streng en lang, dat hij in mensenheugenis is blijven voortleven. Het was mogelijk te voet en op de fiets de 25 km tussen Enkhuizen en Urk af te leggen en ook per auto is Urk in dat jaar met de vaste wal verbonden. Maar voor reguliere verbindingen was dit natuurlijk niet geschikt of voldoende en zo zijn in 1929 zes postvluchten gemaakt, terwijl ook nog eens drie vluchten werden gemaakt die uitsluitend voor passagiers bestemd waren.

Tussen 9 januari en 22 maart had de E.U.S.M. het bijzonder zwaar. De eerste tijd was het nog wel mogelijk door de ijsgang heen te komen en op zaterdag 9 februari bereikte nog een boot uit Kampen Urk maar daarna was pas weer een postverbinding mogelijk op donderdag 14 februari, toen een vliegtuig van Schiphol naar Urk kwam en vandaar weer vertrok. Vervolgens werden ijsvletten ingezet (die op Schokland overnachtten) naar Kampen en terug en op 20 februari kwam KLM-vlieger Q. Tepas met de PH-ADX. De krant meldde:
"Gistermorgen te kwart voor elf is het K.L.M. vliegtuig met 22 zakken post, wegende 560 kg en drie passagiers, onder wie de burgemeester, op Urk aangekomen. Te kwart over elf vertrok het vliegtuig weer en nam de post van Urk mee. Te half twee gistermiddag arriveerde het vliegtuig voor de tweede maal met veertien zakken Post en vrachtgoederen tot een totaal gewicht van 1000 kg. Na een half uur vertrok het vliegtuig weer met drie zakken post en vijf passagiers. Tot de passagiers behoorde een zieke (Mevr. H. Snijder-Hoekman, red.), die te Amsterdam in het ziekenhuis moet worden opgenomen. Gisteren hebben ongeveer 500 personen, onder wie verscheidene dames, per fiets van Enkhuizen een bezoek aan Urk gebracht. Twee van deze bezoekers zijn gistermiddag met het vliegtuig van de K.L.M. weer van Urk vertrokken."

Daarna werden de ijsvletten weer gebruikt, tot tussen 25 februari en 2 maart een auto voor het postvervoer kon worden gebruikt. Postvluchten werden weer gemaakt op 5 en 7 maart, weer met de PH-ADX maar nu door Sillevis. Uit de krant van 5 maart: "Hedenochtend heeft een vliegtuig van de K.L.M. de Post van Amsterdam naar Urk gebracht. Het landde om tien uur op Urk met 16 zakken post, wegende 300 kg. En twee passagiers, o.w. Ds. W.E. Gerritsma, Geref. Predikant te Oudega (Fr.) om woensdag de plaatselijke biddag te houden. Het vliegtuig vertrok weer om 10.20 uur met 3 zakken Post en 1 passagier."

Vervolgens trad zware mist in waardoor Urk vanaf donderdag 7 maart zonder verbinding met de vaste wal was. Op maandagmorgen 11 maart (Schroots geeft 12 maart) zou de KLM met post naar Urk vliegen, maar wegens de dikke mist kon die vlucht niet doorgaan. Eerst op 15 maart wordt weer een vlucht gemaakt, gevolgd door een op de 16de: "Zaterdagmorgen half tien is een K.L.M. vliegtuig naar Urk vertrokken met een zending post en om half twee weer op Schiphol teruggekeerd." Vanaf die l6de maart werd ook de postboot 'Von Geusau' weer ingezet, maar pas na 22 maart was de dienst weer geheel normaal. Voor het overbrengen van de post door de lucht was totaal 1075 gulden betaald.

 
14-02-1929 PH-ADX 902 kg post -
20-02-1929 PH-ADX 1385 kg post, 8 passagiers Tepas
05-03-1929 PH-ADX 330 kg post, 3 passagiers Sillevis
07-03-1929 PH-ADX 737 kg post, 5 passagiers Sillevis
12-03-1929 PH-ADX gestaakt wegens mist -
15-03-1929 PH-ADX 820 kg post -
16-03-1929 PH-AEB 946 kg post, 2 passagiers Frijns


De jaren dertig
In de volgende jaren deed zich niet meer zo'n winter voor als die van 1929, maar toch kwam het bij tijden nog voor dat op de KLM. een beroep moest worden gedaan. Op 2 februari 1933 werd een vlucht Amsterdam-Urk uitgevoerd en toen de winter van 1934 weer moeilijk werd voor de postboten werd op 8 januari van dat jaar een vlucht naar Urk gemaakt door Adriaan Viruly met de PH-AGR 'Reiger'. Hij vervoerde 524 kg post en vracht naar Urk en nam 12 kg post en 3 passagiers mee terug.

Dit alles leidde ook tot contacten met de KLM over een geschikt landingsterrein op Urk en over te plaatsen teertonnen, die zo nodig voor verlichting moesten zorgen. In 1935 komt een overeenkomst tussen de E.U.S.M. en de KLM tot stand. De E.U.S.M. slaagde er echter niet in van de PTT een aandeel te vangen in de baten van het vervoer per vliegtuig, onder het argument dat men ook moest zorgen voor het in orde brengen van het terrein en de teertonnen. Ook in 1937 werden minstens twee vluchten gemaakt, op 1 en 3 februari.


De V.O.S. in 1938
In 1938 viel de winter vroeg in en reeds in december was Urk door een korte maar hevige vorstperiode van de vaste wal afgesneden. De postboot vroor vast in het ijs op het Keteldiep. De mailzakken werden van boord gehaald, over het ijs naar Kampen en vandaar per trein naar Amsterdam vervoerd en op 24 december, dus vlak voor Kerst, werd door de KLM-vlieger Both met de F.VIIIa PH-OTO in twee vluchten 1200 kg post vervoerd.

Nog een tweetal vluchten werd door PH-OTO gemaakt op 27 december. Daarna werden door de KLM de postvluchten, uit veiligheidsoverwegingen, tijdelijk gestaakt. Later schreef de krant er over: "De K.L.M. komt niet meer naar Urk! Met welk een teleurstelling werd dit bericht ontvangen tijdens de korte maar hevige vorstperiode, nu bijna drie maanden geleden. De boot zat nog vast in de Ketel, zodat het post- en passagiersvervoer moest plaats hebben per vliegtuig. Het vliegveld (een landingsstrip op het weiland ten oosten van het dorp, red.) bleek bij alle weersomstandigheden niet geschikt en daarom durfde de K.L.M. het niet langer aan haar grote machines te sturen. "Als er nu eens wat gebeurt dan zitten we doodverlegen" was de algemene opinie. En er gebeurde wat! Een kind van de heer A. van der Veen overleed in het ziekenhuis te Utrecht en de vader kon niet derwaarts gaan om het stoffelijk overschot naar hier te halen!"

Burgemeester Keyzer van Urk wenste zich hier echter niet bij neer te leggen en hij had wel eens gehoord over de in april 1937 opgerichte Vrijwillige Organisatie Sportvliegers (V.O.S.). Deze stelde zich ten doel om door de leden hulp en bijstand te doen verlenen ten dienste van het algemeen nut - en dat was nu aan de orde. Dus waagde de burgervader een telefoontje met Ypenburg, waar de V.O.S. secretariaat hield.

Nog diezelfde middag steeg de voorzitter van de V.O.S. met de Leopard Moth PH-VYG op om van Ypenburg naar Schiphol en vandaar naar Urk te vliegen. Het verslag van de ijsvluchten van de V.O.S. in Het Vliegveld van februari 1939 geeft een goed beeld van de niet geringe operatie. Dat aan de tochten ook een zeker risico verbonden was, bleek toen op oudejaarsavond Harry Heymans met PH-JUH een noodlanding moest maken, die gelukkig goed afliep.


De winter van 1940
De mobilisatiewinter van 1940 is ook in de geschiedenis bekend geworden als een van de strenge winters van de 20ste eeuw. In 1939 was de dijk naar Urk gereed gekomen en in die winter bestond iets als een autoweg over het ijs van Lemmer naar Urk. Maar daarnaast werd gedurende vrijwel de gehele maand januari 1940 een luchtdienst onderhouden. Het bovengenoemde boekje geeft daarbij het volgende schema voor de postvluchten:
 
08-01-1940 Amsterdam-Urk Parmentier 315 kg
Urk-Amsterdam 54 kg
10-01-1940 Amsterdam-Urk Bax 102 kg
Urk-Amsterdam 3 kg
13-01-1940 Amsterdam-Urk Bax 1032 kg
Urk-Amsterdam 86 kg
16-01-1940 Amsterdam-Urk Parmentier 865 kg
Urk-Amsterdam 8 kg
19-01-1940 Amsterdam-Urk Parmentier 1144 kg
Urk-Amsterdam 44 kg
20-01-1940 Amsterdam-Urk Parmentier 217 kg
Urk-Amsterdam 21 kg
23-01-1940 Amsterdam-Urk Bax 668 kg
Urk-Amsterdam 134 kg
24-01-1940 Amsterdam-Urk Bax 692 kg
Urk-Amsterdam Kooper 25 kg
25-01-1940 Amsterdam-Urk Kooper 731 kg
Urk-Amsterdam 34 kg
27-01-1940 Amsterdam-Urk Kooper 1180 kg
Urk-Amsterdam 59 kg
30-01-1940 Amsterdam-Urk Bax 622 kg
Urk-Amsterdam 67 kg
31-01-1940 Amsterdam-Urk Parmentier 357 kg
Urk-Amsterdam 5 kg

Op 24 januari kon Bax met de PH-ACT niet van Urk vertrekken door een defect aan de starter. Kooper bracht met de PH-AEB de nodige onderdelen, waarna beide naar Schiphol vertrokken. Wellicht zijn nog meer vluchten uitgevoerd waarbij geen post werd vervoerd.


De ingesloten stoomboten
Nog op een andere wijze zou de luchtvaart in de winter van 1940 de Urkers te hulp komen. Op het IJsselmeer waren drie stoomboten van de rederij Koppe, de 'Holland', 'Friesland' en 'IJssel', op weg van Amsterdam naar Kampen, in zware strijd met het centimeters dikke ijs verwikkeld. In de buurt van Kampen zat het zusterschip 'Zuiderzee' in het ijs bekneld. Op dinsdag 16 januari kwam bij Urk een groot ijsveld in beweging dat de boten noodlottig werd. De 'Friesland' kwam binnen drie minuten tot zinken en na een hachelijke tocht over het ijs bereikte de bemanning de eveneens beschadigde 'Holland' en 'IJssel'.

Om 12 uur 's middags werden de schepen ontdekt door Parmentier, die met de PH-ACT op weg was naar Urk en vanaf het hoogste punt van Urk waren de zwarte stippen reeds te zien. Op woensdagmorgen vertrokken om half zeven uit Amsterdam de ijsbrekers 'Wilhelmina Goedkoop' en 'Daniël'. Een vliegtuig wierp deze boodschap op een briefje en voorzien van een rookbom, boven de gestrande schepen uit waar het op de voorplecht van de 'Holland' terecht kwam.

Maar voorlopig gebeurde niets en de bemanning, ongerust wordend, schreef met zwarte latten - om kolen te sparen - op het ijs WAAR ZIJN DE IJSBREKERS. Deze vraag werd door een van de KLM-vliegers opgemerkt. Hij kon geen antwoord geven, maar wel vertrok in de loop van de middag de F.VIIa PH-AEB met Tepas als piloot van Schiphol, met voedsel voor 25 man voor twee dagen. Vanwege sneeuwval en mist kon hij echter de schepen niet ontdekken, waarop hij te Urk landde om half vijf naar Schiphol terug te keren. Parmentier had de schepen wel in zicht gekregen. Met de DC-3 PH-ARX 'Xema' op terugtocht van een vlucht naar Ameland en Schiermonnikoog had hij besloten nog even over de schepen te vliegen. In een rode doek verpakt wierp hij de vraag uit of nog iets nodig was. Het antwoord op het ijs kwam spoedig: ETEN VOOR 35 MAN. Dit werd door Parmentier doorgegeven. Bij de tweede tocht die hij maakte kon hij nog niets melden over de positie van de ijsbrekers, maar toen hij uiteindelijk besloot weer koers te zetten naar Schiphol doemden plotseling de ijsbrekers voor de neus van het toestel op. Verheugd improviseerde hij verpakt in een rode lap, de volgende boodschap: „IJsbrekers vijf kilometer ten westen van U". De vreugde was begrijpelijk groot, al duurde het nog wel even voor de twee ijsbrekers de laatste barrière, een ijswal van ongeveer 4 meter dikte, hadden geforceerd.

In de oorlog werd niet gevlogen, althans niet naar Urk, en daarna was de Noordoostpolder klaar, zodat het isolement van Urk nu definitief was opgeheven. Maar de ijspostvluchten naar Urk blijven een boeiend stukje luchtvaartgeschiedenis. (Met dank aan Gerard Casius, die ons op dit verhaal attent maakte).


illustraties
1: PH-ACT
2: PH-AEB
3: PH-OTO op Waalhaven



Dit artikel is eerder gepubliceerd in LuchtvaartKennis, het tijdschrift van de Afdeling Luchtvaartkennis van de KNVvL. Voor meer informatie over de Afdeling Luchtvaartkennis, zie onderstaande links.

Voor meer informatie zie:
http://www.luchtvaartkennis.net
http://www.knvvl.nl


<-- Vorige